Jij bent meer
dan je laatste wedstrijd.
Een fout, selectie of blessure kan je bezighouden. Je hoeft niet meteen een groot verhaal te hebben om er met iemand over te praten.
Even opnieuw beginnen.
Kies wat bij jou past. Deze suggesties zijn een start voor een gesprek, geen test of behandeling.
Wat gebeurt er?
Misschien baal je, ben je boos of ga je harder je best doen. Je hoeft dat niet meteen op te lossen. Neem even tijd voordat je verdergaat.
Wat is je volgende actie?
Kies iets dat je kunt doen: weer aanspeelbaar zijn, rustig teruglopen of één duidelijke aanwijzing vragen.
Je hoeft het niet alleen te doen.
“Geef me één aanwijzing tegelijk.” Of: “Wil je na de training even luisteren?” Een korte zin kan genoeg zijn om te beginnen.
Zoek iemand
die je vertrouwt.
Een ouder, trainer, mentor of iemand anders die je kent. Kies ook iemand buiten de club als dat prettiger voelt.
Je kunt zeggen: “Ik merk dat ik steeds tegen de training opzie. Ik wil daar even over praten.” Blijft het niet goed gaan, bespreek dan met een vertrouwde volwassene welke hulp past.
“Ik wil iets vertellen.
Je hoeft het niet
meteen op te lossen.”
Je bepaalt zelf wat je deelt. Persoonlijke informatie hoef je niet in een teamgesprek of online formulier te zetten.